Puber Liefde
by Anonieme dolverliefde puber
(H.)
Elke minuut wandelt hij fluitend mijn hoofd binnen...
Ik ben misschien maar een zestienjarige puber, een tiener die als een klein kuikentje de hoek om komt kijken wat liefde betreft. Nu is er natuurlijk niks mis met de liefde. Je leest het zo vaak in die happy-ending meidenverhalen. "Ik voel kriebels in mijn buik en ik krijg een warm gevoel van binnen als ik hem zie"... Ik word er eerlijk gezegd niet goed van. Zo'n verhalen worden geschreven om straalverliefde pubers een hart onder de riem te steken. ‘Niet geschoten is altijd mis’, schijnt het nieuwe motto van jeugdschrijvers te zijn. Met als gevolg honderden gebroken, naieve meisjesharten.
Ik ben ook zo’n dolverliefd puberkalf. Elke minuut komt hij mijn hoofd binnenwandelen en blijft daar rustig tegen de wand leunen, om vervolgens allerlei meisjesfantasieën mijn hoofd in te sturen. Tenminste, zo zie ik het voor me.
Maar ik moet toegeven dat het heel fijn voelt. Ik voel me zo ontzettend stom, maar tegelijkertijd ook heel gelukkig. Perfect onderwerp voor een nieuwe jeugdroman.
Het enige probleem is dat hij mijn immens knappe en populaire collega is...
En dat ik het hem niet durf te vertellen.
Ik werk nu bijna vijf maanden als vakkenvuller in een supermarkt in H. In het begin was er niets aan de hand. Ik vulde vrolijk de vakken met koffie, wc-papier en chips. Maar tegelijkertijd broeide er iets tussen mijn collega’s. En op een regenachtige dag in de kantine kwam ik er dan eindelijk achter. S. Vertelde me dat er sinds kort een nieuwe jongen werkte in het magazijn. Ze giechelde veelbetekenend en ik vroeg hoe hij heette. (Ik noem hem even Tom voor het gemak). Na nog een paar echte meidenminuten waarin ik veel Tom-gegevens kreeg stond ik op en liep naar het magazijn om te kijken wanneer ik weer moest werken. Ik hoorde iemand anders binnenkomen. Ik schonk er niet zoveel aandacht aan, er lopen per minuut wel tien mensen naar binnen. Ik schreef de tijden over in mijn agenda, naast een bladzijde waar ik een foto van mezelf voor de zee had geplakt. “Leuke foto.” Zei een stem naast me opeens. Ik keek op en ja hoor, daar was hij dan. De beroemde Tom. Hij was nog knapper dan ik me had voorgesteld. Ik kreeg kippenvel en ik dwong mezelf om te glimlachen. “Bedankt.” Zei ik. We praatten nog even over ditjes en datjes en ik verliet de winkel. Sinds die dag denk ik alleen nog maar aan Tom. Nu moet ik zeggen dat ik het idee heb dat hij ook naar mij kijkt als hij denkt dat ik het niet zie en we praten best wel vaak met elkaar. Mijn vriendinnen weten het ook al en hebben me uitgelachen dat ik, degene die nog nooit haar hart aan iemand had verloren, nu zó over de botel was van een jongen die ik maar amper kende. Ik heb zoete wraak genomen door via hyves een paar foto’s van hem te zoeken. Ik geloof dat eentje zei: “Goh, hij is best wel knap.” Sindsdien hebben we met geen woord meer over hem gerept.
Binnenkort is er een personeelsuitstapje. Ik heb al uitgevogeld dat hij ook meegaat. Dat wordt duimen..